20Weken.

20 weken en 2 dagen. Halverwege. Gewicht en lengte zitten mooi op schema.

20 Weken.

Sebstrip.

Seb - blog

De Seb. Ik kende zijn tekeningen voor ik hem kende. Alhoewel, hij liep al op Sint-Lukas rond toen ik daar een doortocht maakte. Maar later bewoonde ik de donkere kamer bij studentenblad Veto en daar hingen al jarenlang enkelen van zijn menskens op papier aan de muur.

Nu een korte onderbreking werken we opnieuw in dezelfde ruimte en is de mens nog steeds aan het tekenen. Hij heeft zich voorgenomen iedere dag één strip (cartoon vind hij een lullig woord) te tekenen en online te zetten. (Creative Commons) Voorlopig in een Flikr set maar het is de bedoeling dat er meer van komt.

Ondertussen mag u alvast uw mening geven. En voordat u zich aangevallen voelt: Seb is ook lelijk.

Expertise.

Je kan mij makkelijk lijmen. Voor dranken, spijzen en iet of wat een sociaal gebeuren kom ik snel mijn huis uit. Ik heb een mening over alles – niet altijd een relevante of gefundeerde – en uit die met veel plezier. Aan u om op dit blog de waarde daarvan te bepalen. Er zijn twee zaken waar ik eerlijk kan zeggen dat ik tot een bepaald niveau een expertise heb: alles op en rond fotografie, zowel inhoudelijk als technisch. En de kruising van digitaal, interactief, marketing, merken en mensen.

Over fotografie heb ik het eerder al gehad. Mensen kopen een toestel bij de goedkoopste winkel, die op hun beurt de prijzen drukken door kennis en service overboord te gooien. Daarom richten ze zich tot de dichtsbijzijndste in hun netwerk die iets van fotografie kent. Ik krijg regelmatig vragen. Soms zeer interessant, soms voor de duizendste keer dezelfde. Ik geef met plezier advies over producten als ik er iets van ken. Daarbij heb ik (helaas) niets te winnen. Geen enkel cameramerk geeft mij een percentje. Maar meestal zijn het bloglezers en sympathieke mensen. Als zij het beleefd vragen, dan antwoord ik beleefd, zodra ik er even tijd voor heb.

Mijn tweede expertise zet ik in op mijn werk en heb ik grotendeels opgebouwd door werkervaring. Ik werk mee aan projecten voor klanten of geef rechtstreeks advies aan klanten. Zij betalen mijn werkgever die op zijn beurt mij betaalt en de nodige omkadering en benodigdheden voorziet. Zo zit dat in elkaar. Ik ben bewust geen freelance consultant achtig mens. Er lopen teveel schone mensen en merken rond op het bureau, waar ik graag mee werk.

Soms contacteren organisaties mij voor advies over mijn professionele expertise. Dit zijn meestal sociale of culturele verenigingen die geen budget hebben om een bureau in te schakelen. Of mensen die een eigen projectje willen opstarten. Of mensen die ik persoonlijk ken. Aangezien het veelal sympathieke mensen zijn, het ook voor mij inhoudelijk interessant is en zij geen budget hebben om klant te worden, wil ik daar best weleens mee gaan eten om naar hun verhaal te luisteren. Free lunch in ruil voor feedback. Sociaal, netwerken, etc. Je kan later maar iets terugkrijgen als je eerst iets geeft.

Maar het wordt moeilijk als ik benaderd wordt om ‘gratis’ mijn mening te geven over een commercieel project. Een merk dat klant zou kunnen zijn. Zeker als ik mijn mening geef op basis van mijn professionele expertise. Dat is eigenlijk niet fair ten opzichte van mijn werkgever, die mij de tijd en het kader geeft om ervaring op te doen, te researchen, te falen, etc. Zoiets als Kinepolis was een sociaal gebeuren, waar ik om professionele redenen zeer geïnteresseerd ben naar het verloop, waardoor ik er graag aan mee doe. Zij doen de nodige inspanning om mensen te ontvangen, ik mag publiekelijk mijn ongezouten mening geven. Het is – zoals in de reacties gezegd – een vorm van PR, maar daarom absoluut nog geen promo.

Mensen vragen elkaar advies, dat is het de normaalste zaak van de wereld. Zoals ik u gisteren vroeg welke steden in Andalusië ik moest bezoeken en u massaal heeft geantwoord. Ik heb meer vertrouwen in uw ervaring, dan in de resultaten in google. Mensen geven elkaar graag advies, ook dat zit in ons systeem. Advies van een familielid, vriend of kennis heeft van alle externe factoren het meeste impact op onze beslissingen, ook onze aankoopbeslissing. Wanneer je dagtaak gelijk staat aan advies geven, wordt dat soms risky. Aan een bakker vraag je niet om zijn brood gratis weg te geven. En als je hem vraagt naar tips om zelf brood te bakken zal hij ook niet geneigd zijn veel te zeggen. Behalve dat brood van de warme bakker altijd beter is.

Ik ben blij dat ik geen freelance consultant mens ben. Mensen zouden mij vragen stellen, waarbij ik telkens moet denken: snijd ik in mijn eigen vlees als ik hier nu – zonder vergoeding – op antwoord of aan deelneem? Veel mensen hebben vragen, maar weinigen vinden dat je voor advies moet betalen. Daar ligt een heel subtiele grens, die alsmaar moeilijker wordt als het gaat om mensen die je persoonlijk kent of jou ooit op een andere manier hebben geholpen. ‘t Is een overpeinzing naar aanleiding van een mailtje om de alfa versie van een nieuwe site te reviewen. Iets wat ik met veel plezier ga doen omdat het interessant is en de mensen het beleefd vragen. Maar het dringt wel de vraag op waar je de grens trekt.

Veel.

Op de laatste paar artikeltjes komen veel reacties. Ik moet zeggen dat ik dat best wel neig vind. Een blog is maar iets waard als de bezoekers (en dus reacties) de moeite zijn. Bedankt.

Tanken.

Een nieuwe job, een andere leasing, een andere tankkaart. Niet meer bij het fijne Q8, maar bij Total. Ondertussen tankte ik al een jaartje bij Q8, met mijn wagen en voordien die van de vrouw.

Zo waren alle Q8 tankstations op mijn vaste route in mijn hoofd gemapped. Eentje in het oprijden van de A12, eentje aan Tour&Taxis voor het terugkeren. Eentje centrum Antwerpen en eentje op de steenweg naar mijn ouders in Leuven. Q8 is tof en ze hebben ook goede winkeltjes aan hun tankplaatsen.

Zodra het dashboard piepte wanneer ik onder de 80 resterende kilometers zakte, wist ik steeds een uitweg. Nog 43 km naar Brussel en dan in het terugkeren tanken, bijvoorbeeld.

Nu weet ik niets meer. Ik ken geen enkele Total, hoewel de routeplanner op hun site me wel wat wijzer maakt. Ik zal alles opnieuw moeten mappen in mijn routine. En ontdekken of hun winkeltjes de moeite zijn. Ik merk dat ik het tanken heb uitgesteld, maar dat kan niet blijven duren.

Tankkaarten, toch onnozel als dat bij één maatschappij zit. Waarschijnlijk door de korting die je als bedrijf krijgt als je exclusief bij één maatschappij tankt. Vermoedelijk geven alle tanktoestanden dezelfde kortingen. Dat systeem mogen ze toch eens verbeteren.

Andalusia.

We dachten er dit voorjaar nog een kleine week op uit te trekken, want dat zal later op het jaar niet meer mogelijk zijn. De keuze is gemaakt: voldoende zonlicht, warmte, food en rust, zonder verre vliegtuigvlucht.

Ergens naar een stad onderin beeld. Helaas ken ik geen zak van Spanje en heb ik ook geen flauw vermoeden waar ik precies naartoe moet. De Web 2.0 sites laten mij in het ongewisse. Misschien kan ik op uw ervaring teren en kan u één stad aanbevelen?

Huwelijk.

Ik ben een beetje op zoek naar de relatie tussen de drie onderwerpen. Vond het wel een leuk beeld. “Het huwelijk, brandt op naarmate de tijd vordert” ofzo?

Clock.

Knopjes.

De vriendelijke mensen van Nokia hebben een Word Of Mouth (WOM) programma lopen en boden mij enige tijd geleden een Nokia N85 aan. Een mooie telefoon met een groot schermpje. De vraag was of ik het toestel en de internetdiensten waarvoor het gemaakt was wilde testen. Dit wilde ik zeker.

Het heeft echter maar een half uur geduurd. De telefoon heeft knopjes. Dat klinkt misschien heel vreemd, maar ik kan niet meer met knopjes werken. Je moet weten dat ik nooit grondig met een Nokia telefoon heb gewerkt en de logica van de knopjes niet ken. De knopjes zijn blind, er staat niet op wat ze doen. En wat ze doen, dat verschilt van menu tot menu.

Aan de interface van een computer ben je snel gewend, op voorwaarde dat je kan lezen en schrijven. Er is een scherm en met je muis kan je daar zaken aanklikken. Die worden gevisualiseerd. Je hebt een toetsenbord met letters, cijfers en andere tekens. Daarnaast zijn er enkele functietoetsen die je misschien moet ontdekken. Van PC merk veranderen is zo geen grote schok, want het besturingssysteem blijft hetzelfde. (bij windows gebruikers)

Ik heb al enige tijd een telefoon met een zeer beperkt aantal knopjes en een heel groot scherm. Ik druk niet op knopjes, maar op wat ik te zien krijg op het scherm. Destijds een ommekeer in de industrie. Ik snap wat ik doe en hoef niets te onthouden. En dat went snel. Zo snel dat ik verloren ben met ieder smart phone concept dat niet met een touch screen werkt.

Bellen is zo moeilijk nog niet. Een groen telefoontje, een rood telefoontje en cijfers. Maar internet, muziek, email, spelletjes en al de rest. Helaas pindakaas. Ik snap geen jota van het besturingssysteem van een Nokia gsm. Dat zal eenvoudig zijn voor beproefde Nokia gebruikers, maar de leercurve is voor mij heel hoog. De menu’s van mijn huidige gsm zijn gelijkaardig aan die van mijn computer. Makkelijk. En zelfs apple-newbies hebben er geen moeite mee.

Na een half uur legde ik de Nokia weer in de doos. Geeneens de internet diensten getest. Er zat geen sim kaart bij, dus ik werd verondersteld mijn eigen telefoon enkele dagen aan de kant te laten liggen. Geen optie. Al was het maar voor het vlot lezen van mijn mails. De telefoon ging weer in de doos en de doos wordt teruggestuurd.

Spijtig, want het zijn vriendelijke mensen bij Nokia en ik had graag positieve ervaringen met u gedeeld. Ik denk dat het een straf merk zal zijn dat mij mijn Apple MacBook en Apple iPhone aan de kant doet schuiven. maar voorlopig zie ik dat niet meteen gebeuren.

Woord.

Ik moet op zoek naar een ander woord om mij in de omgang uit te drukken, want naar iemand verwijzen als ‘homo’ is blijkbaar sociaal niet aanvaard. Mijn vele homo vrienden hebben mij dat al meermaals gezegd, maar gezien zij een minderheid zijn slaag ik er aardig in die boodschap te negeren.

Ik geef grif toe, ik heb negen jaar ‘all boys’ school gelopen en onder elkaar was dat een zeer populaire aansprekingsvorm. Vooral om elkaar droog in de mannelijkheid te nemen, speels je minachting uit te drukken of elkaar publiekelijk te vernederen.

Zozeer zelfs, dat het woord voor mij geen enkele relatie meer heeft met het seksuele aspect en ik het in de dagdagelijkse omgang gebruik. Maar dat zorgt dan weer voor verwarring omdat anderen dat niet doen. Ik heb vanochtend nog zo’n etymologische aanraking gehad rond het woord advertising.

Goed, ik wil de term ‘homo’ als krachtterm achterwege laten, op voorwaarde dat er een goed alternatief op de proppen komt. Daarom richt ik mij tot u: welk woord kan u mij aanraden om mensen een verbale bitch slap te geven? Neger en Jood komen niet in aanmerking, want ook daar krijg je gezaag mee.

Ga verzekerst uw gang in de commentaren.

UPDATE: “Pannenkoek” staat met stip bovenaan het lijstje. Dank aan Rinus.

Dotnet.

Ik voel mij een beetje Joe Black de laatste dagen. Niet zozeer omwille van mijn goddelijke looks en onweerstaanbare aantrekkingskracht op mooie vrouwen. Neen.

Ik wandel rustig door het gebouw langs alle bureaus. Ik zeg goeiemiddag tegen iedereen, ook als het ochtend is. Ik kijk wat rond en groet de mensen, met een ietwat simpele glimlach op mijn gezicht. Ik zie mensen verward kijken, maar zolang ze niets vragen blijf ik vriendelijk zwijgen. Enkel de lepel pindakaas ontbreekt.

Soms leidt dat tot hilarische situaties. Zo liep ik gisteren Klaartje (zelfde gebouw, andere dienst) op het lijf. Zij toonde mij de weg en de mensen in haar departement, met de nodige schwung.

Klaartje: Dit is hier de hotshop.
Pietel: ‘T is hier wel warm ja.

Pietel: Wat doen ze hier? Zijn dat coders?
Klaartje: Hier maken ze de dingen.

Pietel: Ah, de webdev. Programmeurs, coders, scripters.
Klaartje: (vraagt aan jongen) Ben jij een programmeur? (jongen knikt van ja)

Pietel: En wat doe je precies? Flash scripter, PHP, java?
Coder: Flash onder andere, PHP dat doen wij (aan deze tafel) niet.

Pietel: Ah ok. Toch geen dotNET hé, want dat is voor homo’s.
Heel de tafel proest het uit en de jongen kijkt mij vriendelijk aan, maar zwijgt.

Pietel: Erm… Zijt gij nen homo ofzo?
De jongen knikt bevestigend met een grijns op zijn gezicht. De rest van de tafel proest het uit.
Pietel: Erm… Wel… Dat bewijst mijn stelling: .NET is voor homo’s…

Waarop ik rustig verder liep. Achter mij aan de tafel met programmeurs kwam iemand terug aan de tafel en kreeg het verhaal te horen. Waarop de hele tafel het weer uit proestte.

Geestig, zo Meet Joe Black spelen.