Monthly Archive for October, 2008

Achteraf.

Ik werk in Brussel. Ons bureau ligt op een grote laan. Daarachter liggen kleine straatjes. In deze straten zijn dames werkzaam die hun fysieke diensten aanbieden. De snelste weg naar enkele eetplekken is door die achterafstraatjes, waar je een hotelkamer per uur kan huren. Ik loop er af en toe dus eens door.

Vroeger ging ik in Schaarbeek naar school. Iedere dag reed ik met de trein naar Brussel Noord en verliet het station langs de achterzijde. Daar stonden dames in fluoriscerende bikini’s achter het raam. ‘s Ochtends vroeg al, zelfs in de winter. Het was altijd een beetje zon & zee toen ik daar ‘s ochtends voorbij zombiede.

Er is een groot verschil tussen de dames achter ons bureau en die in de Noordwijk. De ene groep staat op een verhoog achter een raam, de andere op de hoek van een straat. En net dat is iets waar ik mij ongemakkelijk bij voel. Net zoals er vroeger weleens een dame tegen de ruit tikte als je voorbijliep, zijn er vandaag dames die u aanspreken, tot gebaren toe. En dat hoeft voor mij niet.

Een ander groot verschil is het uiterlijk. In de Rue d’Aerschot kijk ik weleens vanuit een ooghoek naar één van de dames en daar zaten soms ontstellend knappe vrouwen tussen. Vrouwen die alles kunnen krijgen. De vrouwen achter ons bureau, dat is echt één en al miserie. Vrouwen uit één of ander Oostblokland waar je absoluut niet warm van loopt. Toch stopt er om de vijf voet een camionette of wagen om een dame te inspecteren en op te pikken.

En op deze gedachte betrapte ik mij. Ik heb een ongelofelijke weerzin van de vrouwen op de hoek van de straat, waar ik blijkbaar minder problemen heb met de aanwezigheid van de dames achter glas. Is het een kwestie van looks? Knappe sekswerkers, daar heb ik geen weerzin van, maar o wee als ze uiterlijk allesbehalve zijn?

Ik houd het voor mezelf op de directe miserie die ik in de achterafstraatjes zie. Die dames staan daar niet omdat ze veel keuze hebben. Meer zelfs, zoals ze daar staan lijkt het alsof het voor hen een pijnlijke evidentie is. En dat is wat ik zie: iedere keer als zo’n juffrouw mij aanspreekt, zie ik een triest verhaal. Waar de mooi dames in fluo ondergoed de illusie nog hoog kunnen houden.

Voor mij hoeft het alleszins niet. Ik zou graag over de middag iets gaan eten, wetende dat deze dames ergens binnen achter een bureau kunnen werken. Maar ik geef toe, ik heb zelf ook niet meteen een oplossing voor de situatie. Als ik vanmiddag de deur uitga, dan zullen ze er nog steeds staan en zal ik opnieuw neen knikken, als ze mij aanspreken.

Waarom.

Waarom vallen alle belangrijke en drukke zaken altijd samen op één dag? Kunnen ze dat niet beter spreiden met de saaie dagen waarop niets gebeurt? Is er een geheime organisatie die dit opzettelijk zo doet?

CompanyBuzz.

LinkedIn voegt enkele features toe, waaronder ‘apps’. Als sociaal netwerk willen ze blijkbaar meer zijn dan een statische CV-site. Een beetje mer facebook voor professionals quoi.

Een van de beschikbare widgets om aan je profiel toe te voegen is de ‘Company Buzz’. Een feed met items over je bedrijf, voornamelijk uit Twitter gezogen. Maffe integratie.

Met andere woorden: iedere fuckface die vandaag iets over je bedrijf zegt, zal mee het imago en de reputatie van je bedrijf bepalen. En daar zullen de buikvet mensen niet mee kunnen lachen.

Alleszins, iedere social media consultant die een presentatie over sociale netwerken en LinkedIn in de la heeft mag deze opfrissen en hoort de kassa al rinkelen.

En @Netlash: inderdaad, de huidige – en tijdelijke – versie de site van het bedrijf maakt gebruik van een wordpress. Kwestie dat iedereen eenvoudig en zonder obstakels kan online communiceren.

Fuckface.

Het is een regel op dit blog om de artikels niet te vullen met wat ik op tv heb gezien. Maar soms maak ik daar graag een uitzondering op. De reden daarvoor is de laatste editie van “de jeugd van tegenwoordig“.

Geniaal is dat. De researchers hebben zwaar hun best gedaan om de enkele luie, zelfvoldane, verwende, freaky en betweterige jongeren bij elkaar te brengen. Het zijn niet allemaal etters en er zijn er ook die een positieve kentering meemaken, maar toch.

Met voorsprong de grootste opvaller is Cadet Van Nuffel, Olivier voor intimi. Geen lelijk gast, maar o zo verschrikkelijk zelfvoldaan en arrogant. In het introfilmpje zag je al welke terreur hij is voor zijn familie. Het meest kenmerkend van deze cadet is het veelvuldig gebruik van de term ‘fuckface’.

Zo gaat dat van fuckface hier naar fuckface daar. Iedere volwassene met een autoritaire rol is een dikke fuckface. Heerlijk toch. Vooral hoe hij met grote muil sergeant Van Oostveldt in het gezicht als fuckface bejegend. Een vijftal uur over de grond kruipen later, is ook dit kereltje gebroken. Van een spanningsboog gesproken.

Opvallend is het veelvuldig gebruik van Engelstalige krachttermen. Tussen Antwerpse halfzinnen en Limburgs gerochel hoor je de meest tot de verbeelding sprekende termen, overgenomen uit middelmatige Amerikaanse actiefilms. En op de uitspraak valt ook og wat op te merken.

Met voorsprong mijn favoriete deelnemer is Cadet Gryson. Wat eerst een West-Vlaams prepuberaal tienertrutje leek, die goed op weg was de lokale Paris te worden, bleek een heel erg lief meisje te zijn. Zo van het vertederende soort. Eens de make-up was afgewassen en de juffrouw zich in uniform had gehesen werd ze een knuffeltje van het betere soort.

Jaah de cadettenschool. Het doet mij deugd te zien dat jongeren in sé fijne mensen zijn, maar een gebrek aan iet of wat vaste hand hen laat evolueren in kleine egocentrische monsters. Mooi om te zien hoe het militaire regime van de jaren vijftig de meest basale sociale mechanismen naar boven haalt. Zo van groepsgevoel en vriendschap en al. Lang leve de jongeren. Lang leve Cadet Gryson.

Buikvet.

Buikvet. Een bom van een woord. Ik hoor het regelmatig in de Nederlandse campagnes voor www.voedingscentrum.nl op The Discovery Channel.

Buikvet. Geen woord dat beter de ziektes van onze tijd omschrijft. Veel werken, achter de computer, in de wagen zitten, weinig beweging, moet en futloos, vieze broodjes, iets gaan eten, enzoweiter. Tooggezwel is ook al zo’n mooi woord in dezelfde niche.

Buikvet is bij deze het woord van de week. Hoewel we het liever kwijt dan rijk zijn. En dan vooral voor de mannen: hoe is het met uw buikvet gesteld?

Lambo.

In Lazio, Italië heeft de politie wel een erg mooi speeltje voor achtervolgingen. Je zou zowaar eens een verkeersovertreding plegen om dit beestje te mogen horen accelereren. Bekijk vooral eens de foto’s bij Wired.

WaaromIkGeenRadicaalBen.

Ja die Jorg… Een extreme mens met extreme meningen. Zo van heraus met alle buitenlanders, het gezin is de hoeksteen van de samenleving en nultolerantie voor alles wat schuins over de wet marcheert. En alle mensen maar in de handen klappen dat hij g*dverd*mme gelijk had en dat hij konten kickte.

Komen na zijn dood plotseling ‘de verhalen’ naar boven: dat hij bij zijn crash crapuleus te hard over de baan scheurde, zich een stuk in zijn kloten had gezopen én eigenlijk al jarenlang een verdoken bruine – voorlopig geen zwarte – seksuele voorkeur had. Zo van in ‘t poepgaatje bij andere meneren. Geen reputatiemanager die daar nog iets aan kan doen. Lijkt mij dat zijn graf niet zo druk bezocht zal worden als dat van andere goden.

Zo’n beetje als de voormalige gouverneur van New York die – don’t they all – het gezin hoog in het vaandel droeg, maar tegelijkertijd ‘de studies’ van beeldschone bimbo’s financierde in ruil voor vleselijke wederdiensten. Weet u, mensen met veel geld en macht hebben steevast enkele basiskenmerken gemeen: veel drank, luxehoeren à volonté en wintervoorraad coke. Om van de afwezigheid van manieren, respect voor anderen en beleefdheid maar te zwijgen.

Al die verhalen, dat doet mij fantaseren. Stel u voor dat Filip DW stiekum een authentieke kebabzaak in zijn kelder heeft steken. Dat ze na de partijraad collectief nen durum van schaap steken. Dat zijn iPod vol Raï muziek van Khaled staat – die hij meezingt onder de douche – en bij voorkeur eens een citytripke naar Marrakech pleegt in plaats van een shortski in Östereich.

Kijk… Radicaal zijn in het publiek, dat keert zich vroeg of laat keihard in uw gezicht terug. Geef mij maar figuren als Pimmetje, de zelfverklaarde koning van de Rotterdamse darkrooms. Of JM Dedecker, AKA de Ayrton Senna van de E40. Uw eigen ‘fout zijn’ radicaal gemeen uitspelen en iedereen uitdagen te beweren dat zij ook maar één graat beter zijn. Lang leve de immoraliteit!

Bij deze een prettig weekend gewenst. Ik muis er vanonderdoor wegens een drukke agenda. Ik moet nog een trailerpark in de fik steken, de weedvoorraad van de Nederlandse grensgemeenten leegkopen, een lunchke met Hitlers lievelingsgerecht op het menu en mij laten afzuigen door een vijftiger in een publiek twalet. En wat u dit weekend zegt te doen in de comments kan maar best in dezelfde lijn liggen.

Zwart.

Ik zit een heel dag in een donkere vergaderzaal zonder natuurlijk licht of frisse lucht. Hopelijk zit u beter.

Flitspaal.

Er staat een flitspaal op de E40 van Brussel naar Leuven, vlak voor de afslag naar de E314. Een vaste flitspaal in de middenberm. Eentje maar en slechts in één richting. Die duikt zomaar op uit het niets. Niet aangekondigd, niet in serie, niet in twee richtingen.

Hoe f*cking stom kan je als inrichtende overheid zijn!? Dit ding zorgt alleen maar voor extra onveiligheid. Chauffeurs die verschieten – zelfs al rijden ze maximaal 120km/h – en uit reflex op de rem trappen. Kop-staart botsingen aan hoge snelgeid. Automobilisten die continu in de berm speuren op zoek naar onaangekondigde palen, in plaats van voor zich op de weg te kijken. En flitspaalfiles die op drukke momenten tot harmonica’s leiden.

Ja je kan flitspalen inzetten om de verkeersveiligheid te verbeteren. Op voorwaarde dat een flitspaal voor een bepaalde situatie de juiste oplossing is, je dit consequent doet en de palen goed aanduidt. De wet is de wet, maar in België krijg je steeds het gevoel dat iedereen ze toch overtreedt en de pakkans bijzonder klein is. Zo overtuig je hardrijders niet om hun snelheid aan te passen, eerder omgekeerd.

De ring van Leuven is een goed voorbeeld. Zo goed als overal is de maximum toegelaten snelheid 50km/u en zo goed als overal staan flitspalen, zowel op kruispunten als op de rechte stukken. Consequent zijn. Door het plaatsen van de flitspalen zijn er aanzienlijk minder ongevallen en minder verkeersdoden. In Leuven pas je je snelheid aan. Relax gewoon en vertraag.

In Nederland zijn ze ook strict. Flitspalen en intervalmeting, hoewel de maximale snelheden sterk variëren en door werken regelmatig naar beneden duiken. Maar in Nederland is de boodschap duidelijk: 90% kans dat je gepakt wordt als je te snel rijdt. Als automobilist ga je er vanuit dat het geen optie is om te snel te rijden

Bij de Keneddytunnel heb ik mijn twijfels. Ze wisselen daar tussen een toegelaten 100km/u en 70km/h. Het is een bruuske verkeersremmer die files veroorzaakt. Een georganiseerde bottle-neck, die mijns inziens niet zoveel veiliger geworden is.

Maar die paal op de E40 is belachelijk. Als overheid moet je je enkele vragen stellen. Is een te hoge snelheid in deze situatie de aanleiding voor een onveilige verkeerssituatie en hoog aantal? Zijn flitspalen de meeste efficiënte en veilige oplossing voor deze te hoge snelheid? Hoe past deze ene probleemsituatie in een globaal plan voor een hele route of regio. Je moet altijd naar het volledige plaatje kijken.

Versta me niet verkeerd. Ik zoek geen excuus om hard te kunnen rijden. Maar zoals een accijnsverhoging op brandstof geen maatregel is die een positief effect heeft op het milieu, taksen op sigaretten mensen niet minder doen roken, is het inplanten van één flitspaal geen oplossing voor een onveilige verkeerssituatie.

MijnLief.

Jonge mensen willen oud doen en oude mensen willen jong doen. Een lief hebben, dat is iets voor tieners en vooraan in de twintigers. Op latere leeftijd spreken mensen van een vriend/vriendin, man/vrouw, echtgenoot/echtgenote of in andersgeaarde gemeenschappen weleens over een partner.

Tegenwoordig is het hip als dertigers, maar vooral veertigers en vijftigers over ‘hun lief’ spreken. Vaak zijn het mensen die al een huwelijk achter de rug hebben, van wie er nageslacht rondloopt en die het leuk vinden zichzelf weer als jong en ongedwongen te zien.

Aan de ene zijde heeft dat wel iets. Venten die dartel rondfladderen en helemaal dol zijn van ‘hun lief’. Aan de andere zijde wordt er zwaar mee geposeerd. Een te geromantiseerde versie van de feiten die eigenlijk een wreed pijnlijk verhaal bedekt.

Bij zo’n mensen denk ik dan: kijk, je bent oud, uw vrouw heeft u verlaten, uw carrière verveelt u, uw kind zwerft ongelukkig tussen twee gezinnen, dito voor de kinderen van uw vriendin en je zakt iets te regelmatig iets te zwaar door op café en durft dan nog een lijntje te snuiven. Ga dan niet hippekens komen doen door over ‘uw lief’ te klappen hé.

Ik vind mensen die al twintig jaar gelukkig getrouwd zijn en hun kinderen in één huis kunnen onderbrengen en samen op vakantie naar Frankrijk gaan eigenlijk veel cooler.